De Body Condition Score - Voedingswaarden en spierontwikkeling


In ons vorige artikel over de Body Condition Score zijn we ingegaan op de voedingswaardes die jouw paarden nodig hebben voor onderhoud en eventuele massa opbouw. Elk paard heeft een minimum aan verteerbare energie (DE) per dag nodig om op hetzelfde gewicht te blijven. Je kunt je voorstellen dat dan verschillende activiteitsniveaus van jouw paarden de dagelijkse DE-vereisten verhogen. Je kunt jouw dierenarts of een paardenvoedingsdeskundige raadplegen over de voedingsbehoeften van jouw paarden. Zij kunnen evalueren welke voedingsstoffen elk paard binnen krijgt en of dat dieet geschikt is of moet worden aangepast in het voedingsschema in Stalmanager.

Ruwvoer op de eerste plaats
Bij het veranderen van het dieet van een paard is het belangrijk om te kijken naar de veiligste manier om in gewicht aan te komen. Luzerne (ook bekend als alfalfa) levert bijvoorbeeld meer calorieën per kilogram dan grashooi, dan zou je 25% van de dagelijkse portie hooi kunnen vervangen met luzerne. Het voordeel van luzerne is dat het eiwitten kan verhogen en calorieën kan toevoegen voor paarden die beide nodig hebben. Als je geen gewichtstoename kunt bereiken met alleen weiland of hooi en andere vezelbronnen, is het een optie om iets calorierijker als natuurlijke olieen aan het dieet toe te voegen zoals lijnzaadolie. Om spieren toe te voegen of te ontwikkelen, is het goed om de huidige eiwitniveaus en voedingsbronnen van jouw paarden te evalueren voordat je de voedingsinname verhoogt of eiwitbronnen verandert.

4 tips voor jouw paarden

  1. Ter aanvulling op het gebruik van de Body Condition Score. Het gebruik van de Body Condition Score is in het vorige artikel beschreven met behulp van de BCS afbeeldingskaart. Hoewel spierontwikkeling lichaamsbreed plaatsvindt bij paarden, geeft het een betrouwbaarder beeld om te meten met behulp van de bovenlijn van het paard. Tijdens de BCS beoordeel je dus niet de buikomvang en de vulling van de regio bij de flanken. De buikomvang kan namelijk ook rond zijn als gevolg van minder ontwikkelde buikspieren of doordat het paard net de hele dag op het gras heeft staan grazen. Dat maakt dat de buikomvang en flankvulling dus eerder een maat zijn voor de voeropname en mate van buikspieren dan voor de vetbedekking.
  2. Spieropbouw kan dus niet alleen door de juiste voeding verkregen worden. Met frequente training worden spieren krachtiger en neemt de spiermassa toe. Een training waarbij het paard gemiddeld vier dagen per week aan het werk wordt gezet en elke keer wat meer uitgedaagd wordt zorgt voor extra kracht, onderhoud en uitbreiding van de spiermassa.
  3. Wanneer een paard dus extra volume nodig heeft, in vet of spieren of beide, is het cruciaal dat je de juiste veranderingen in de juiste volgorde aanbrengt, om wat betreft de nodige voedingscomponenten te leveren en verbeteringen te zien in de fysiek conditie. Let wel dat je bij enig twijfel of vermoeden dat er meer aan de hand is bij jouw paard, er echter een paardenvoedingsdeskundige of een dierenarts laat meebeslissen bij deze veranderingen. Dit kan vele omwegen en onnodige uitgaven besparen.
  4. Tenslotte kan je de training plannen met de agenda van Stalmanager (door bijvoorbeeld een aparte agenda voor de trainingsmomenten aan te maken) en in je logboek en paardendossier kan je bijhouden hoe de training verloopt. Het gewicht van je paarden kan je in het persoonlijk dossier van jouw paard in Stalmanager noteren en in een grafiek volgen. Zo kan je nauwkeuriger de voersamenstelling vanuit het voerschema en gewichtstoename volgen en eventueel aanpassen waar nodig.

Team Stalmanager

(Blogtekst: Lucia Leijs- Paard en Welzijn)
(Bron: the National Research Council’s (NRC) 2007 Nutrient Requirements of Horses)

Geplaatst op , door .